De avonturen van een uitleenboek 6 (Slot)
Soms
hoor ik wel eens mensen praten, zat zij van herinneringen leven. Tot voor kort
had ik nooit begrepen wat zij daarmee bedoelden. Nu ik zelf aan het terugdenken
ben geslagen,over wat ik de afgelopen jaren allemaal als uitleenboek heb
meegemaakt, heb ik zo’n vermoeden dat het waarschijnlijk herinneringen zijn, waar ik de mensen dan
over heb horen spreken. Maar dat ik nu ook van de herinneringen leef, dat kan
ik nu ook weer niet zeggen, hoewel…? Ik denk nog steeds met warme gevoelens terug aan mijn
verblijf in het kleine en knusse huisje van Babette tijdens de afgelopen Kerst
en jaarwisseling. Zij woonde in een mooie karakteristieke wijk, waar alle
woningen op elkaar leken, wat de uiterlijke vormgeving betreft. Pas op tweede
kerstdag kwam ik er achter dat zij Babette heette, en zij haar knusse huis
alleen bewoonde. Nog zie ik die oude piano staan, waarachter zij s’ avonds
prachtige melodieën speelde terwijl ik,
liggend op dat instrument, daarvan genood. Tussen het spelen door nestelde zij
zich met mij, in haar geliefde stoel bij de zacht brandende houtkachel en
genoot zichtbaar van alle wijsheden die in mij geschreven stonden. Overdag
vulde de kamer zich met mooie kerstmuziek, afkomstig uit een moderne CD speler.
Ik had mij geen mooiere feestdagen kunnen wensen, wat dat betreft. Wat een
rust.. Geen verschrikkelijke TV beelden of luide muziek, geen gehaaste mensen
en drukke visites. Tussen kerst en oud
en nieuw is er slechts een buurman uit de verderop gelegen straat bij Babette
op bezoek geweest, die ook al zo prachtig op de oude piano kon spelen, terwijl
Babette zat te genieten van zijn muzikale gaven. Tweemaal was het voorgekomen
dat zij mij s’ avonds meenam naar haar kleine slaapkamer, waar ik een plaatsje
kreeg op een uit grootmoeders tijd afkomstige nachtkastje.
Het
was daarom wel even wennen gewees, toen Babette mij in de eerste week van het
nieuwe jaar weer naar de bibliotheek terug bracht, en ik weer tussen al de
andere boeken werd gezet, waar ik vervolgens meer dan een maand heb moeten
verblijven, alvorens ik weer een weekje werd uitgeleend. Hoewel ik daar ook
geen klagen over heb gehad, haalde het bij lange na niet, met het verblijf bij
Babette. Op mijn laatste logeeradres werd ik gedurende hele dagen ter hand
genomen door een jonge man, die blijkbaar mij nodig had voor zijn studie. Ik
was blij dat ik na een weekje weer terug in de bieb was. Ik bleef liever in de
bibliotheek, dan de hele dag van hot naar haar gesleept te worden. Eigenlijk
heb ik het wel een beetje gehad met al dat gereis. Ik zou best wel voor altijd
een vaste plaats bij iemand willen krijgen, waar ik mijn verdere ‘boekleven’
kon slijten.
Grote verhuizing.
Het
was nog vroeg die ochtend. De bibliotheek was nog niet voor het publiek
geopend. Een medewerkster kwam met een klein leeg karretje aangereden en stopte
ter hoogte van mij. Met een briefje in de hand, speurde zij de verschillende
boeken langs. Hier en daar werden boeken van hun plaats gehaald, en in het
karretje gelegd. Ik volgde haar met nieuwsgierige blikken. Wat had dit te
betekenen? Dit had ik in de afgelopen jaren nog niet eerder meegemaakt. Wat
gebeurde er? Ook ik werd door de medewerkster van mijn plaats gehaald en in het inmiddels halfvolle karretje gelegd.
Vervolgens maakten wij een reis langs
andere boeken waarvan sommigen ook in het karretje werden gelegd.
Puff, wat mij betreft hoefden er niet meer bij te komen. Ik lag bijna onderaan,
terwijl er andere boeken op mij werden gelegd. Ik het toch wel een beetje
benauwd.
Het
piepende karretje hield stil bij een grote tafel, met daarop nog vele andere
boeken, die ook al benauwd om zich heen keken. Mijn’ boekenbrein’ maakte
overuren. Wat zou er met ons gaan gebeuren? Zouden we gaan verhuizen, verkocht worden aan
een handelaar, of nog erger bij het oud papier terecht komen? De koude
rillingen liepen over mij heen, met het gevolg, dat de bladzijden begonnen te
trillen.. Brrr, ik moest aan dit alles niet denken. Toen werd er nog een
grotere tafel bij gezet, terwijl een andere medewerkster ons allemaal
rangschikte op genre. Thrillers apart, romans apart. Waar zou ik terecht komen?
Na een poosje werd ik op een inmiddels derde tafel gelegd, en zag veel
literatuur en geesteswetenschappelijke boeken om mij heen liggen. Naast mij
werd door een andere medewerkster een klein bordje geplaatst, met daarop de
tekst:
‘Wegens sluiting van
de Bibliotheek, Tweede hands Boeken Te Koop tegen aantrekkelijke prijs’.
Vertwijfeld
vroeg ik mij af, wat hier allemaal gebeurde. Dat verschillende Bibliotheken gesloten zouden worden, daar had ik wel eens
iets over gehoord, maar dat deze bibliotheek gesloten zou gaan worden, nee, dat
was niet in mij opgekomen. Nu maar afwachten op de dingen die gingen komen.
Waar zou ik terecht komen? De kans was in ieder geval wat kleiner geworden, dat
ik in handen van een handelaar zou komen, om vervolgens op een een of andere
boekenmarkt in de openlucht te moeten liggen. Grrr, ik moest er niet aan denken
zeg. Weten die handelslui dan niet, dat kou en vocht voor een boek funest is?
Ik zag mezelf tijdens een regenachtige dag al liggen onder een dekzeiltje op de
markt, brrr.
Inmiddels
lag ik meer dan twee weken op de ‘Uitverkooptafel’, waar dagelijks massa’s
mensen voorbij trokken, maar voor mij geen aandacht hadden. Ik was dat
gekoekeloer meer dan zat. Zag ik het goed? Had ik die dame niet eerder gezien?
Ze was nu anders gekleed, dat wel, maar toch zag ik herkenning. Yep, nu wist ik
het weer. Het was Sofie, de dame waar ik mijn eerste uitleenavontuur had beleefd, en daar hele fijne herinneringen
aan overgehouden had. Ik zie haar s’ avonds nog zitten bij de open haard in
haar donkerrode huispak, in de smaakvol ingerichte woonkamer, met die prachtige boekenkast vol met
wijsgerige boeken. Ook denk ik nog met genoegen terug aan haar slaapkamer met
het fraaie hardhouten bed. Over herinneringen gesproken (…) Als dat nu eens zou
mogen zijn,…dat zij mij opnieuw… en dan voor altijd….? Ze kwam dichterbij. Mijn
oude ‘boekenhart’ ging heftig te keer en mijn bladzijden trilden van emotie. Ze
stopte op de plaats waar ik lag, en liet haar mooie blauwe ogen over de
tientallen boeken gaan, die waarschijnlijk ook in spanning op een nieuwe ‘baas’
lagen te wachten. Een in blauw glacé handschoen gestoken hand pakte mij vast. Ik werd opnieuw, zoals
de eerste keer, zowel van binnen als van buiten uitvoerig bekeken. Sofie wilde
zich er natuurlijk van vergewissen, dat ik, ondanks mijn inmiddels gevorderde
leeftijd er nog goed uit zou zien? Ik
kon mijn geluk niet op toen ik door haar in het mandje van de Bieb werd gelegd.
Na mij zouden nog drie andere boeken volgen. Met ons vieren verdwenen wij
vervolgens in een canvastas.
Reünie.
Sofie
woonde nog steeds op hetzelfde adres. In de woonkamer stond nog steeds de
prachtige boekenkast, waarin ik inmiddels een plaatsje had gekregen. Ik stond
naast een van de boeken van de bekende filosofe en schrijfster Connie Palmen.
Met dat boek had ik inmiddels kennis gemaakt en reeds aangenaam gesprekken
gevoerd. ‘Een boek is het meest eigenaardige ding dat ik ken’ had de
schrijfster in het boek gezegd. ‘Het is een ding, dat je kunt vastpakken, op de
tafel leggen, in je boekenkast kunt zetten, waarmee je naar eigen goeddunken
kunt doen wat je wilt, maar een boek krijgt een onaantastbaar, zeg maar,
geestelijk bestaan, nadat het ook daadwerkelijk gelezen is’. had het boek eraan
toegevoegd. Over dat citaat heb ik nog lang
na liggen denken. Wat een waarheid. Zo was het precies. Het was op een vrijdagavond,
toen de voordeur bel klonk. Ik had gezien dat Sofie reeds geruime tijd in de
keuken bezig was geweest. Blijkbaar zou zij visite ontvangen, waar ik eigenlijk
niet zo blij mee was. Al die drukte,al dat geklets door elkaar heen. Zonder er
veel aandacht aan te besteden, zag ik dat de eerste gasten gearriveerd waren.
Zag ik dat goed? Die man en vrouw kende ik ergens van? Ja, nu wist ik het weer.
Het was Babette, waar ik afgelopen kerst en oud en nieuw was geweest, samen met
haar buurman, die ik daar ook ontmoet had. In tegenstelling tot hetgeen wat ik
had gevreesd van visites, namelijk met veel geklets en vreselijke muziek, werd
dit een zeer aangename avond, met zachte muziek, afgewisseld met een aangenaam
pianospel door de buurman van Babette, Frank geheten. Bovendien werden er
diepgaande gesprekken over allerlei belangrijke maatschappelijke, filosofische
en literaire thema’s gevoerd. Had Connie Palmen in een van haar boeken niet
geschreven: ‘Lezers maken van de boeken hun eigen boeken, dat is een wet. Ieder
boek is ertoe voorbestemd om, tot op zekere hoogte onteigend te worden. Soms
kom je op het spoor van hoe dat in zijn werk gaat, vang je een glimp op, van de
gedachte van de lezer, van zijn of haar associaties en van de plek waar een
boek beland is, tussen welke andere boeken in zo’n hoofd het zich heeft moeten
wringen’. Met dit mooie citaat kon ik mij nu voor altijd neergeven, na een
bewogen maar rijk uitleenleven.(SLOT)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten